Pioniers: de wereld als woon- en werkplek

Pioniers: de wereld als woon- en werkplek

Mariëtte van Beek (55) is arabist en reisjournalist. In januari 2016 zegde ze de huur van haar huis in Nederland op. Sindsdien reist ze zonder ballast de wereld over en combineert werken met vakantie vieren. ‘Het allermooiste vind ik dat ik niet weet waar ik volgend jaar om deze tijd ben.’

Minder bezittingen

Vanuit huis heb ik meegekregen dat je qua bezittingen beter minder dan meer kunt hebben. Mijn moeder wilde geen koophuis en geen auto. Daar heb je alleen maar zorgen van, zei ze. Een tv wilde ze ook liever niet. Inmiddels geef ik haar op al die punten gelijk. Ik ben blij dat ik van mijn eerdere koophuis af ben en de behoefte aan een auto heb ik ook nooit begrepen. Het openbaar vervoer is goed in Nederland. Maar nee, mensen staan liever in de file. Dat geeft ze een gevoel van vrijheid.

Op mijn 16e ging ik voor het eerst op schoolreisje naar Brugge. Toen ik later van mijn krantenwijk naar een tante in Amerika ging, was het hek van de dam.

Ik kom uit een eenvoudig milieu. Mijn vader werkte in de plantsoenendienst en mijn moeder was huisvrouw. We gingen niet naar het buitenland op vakantie. Op mijn 16e ging ik voor het eerst op schoolreisje naar Brugge. Toen ik later van mijn krantenwijk naar een tante in Amerika ging, was het hek van de dam. Het reisvirus is nooit meer weggegaan.

Arabisch studeren

Ik kon heel goed leren, maar vanuit huis werd het niet gestimuleerd om daar iets mee te doen. De universiteit? Dat leek me zo ingewikkeld, een ivoren toren. Pas op mijn 27e heb ik de stoute schoenen aangetrokken en ben ik Arabisch gaan studeren. Ik was in Marokko geweest en vond het een enorm interessant land. Voor het eerste tentamen haalde ik kalmeringstabletten bij de dokter. Mijn hand bibberde zo erg dat ik niet kon schrijven. Ik haalde een 9,5 voor dat tentamen. Uiteindelijk ben ik cum laude afgestudeerd en later ook nog gepromoveerd.

Ontwikkelingswerk

Na mijn promotie kwam ik in het ontwikkelingswerk terecht. Ik heb bij verschillende organisaties gewerkt, maar het lag me niet. Er is veel haat en nijd. Het aantal uren dat je moet draaien is waanzinnig. Dan werkte je voor een organisatie die zich met mensenrechten bezighield en zelf werd je gewoon een poot uitgedraaid.

Dan liep ik in de pauze buiten en dan dacht ik: wat is dit erg.

Het was heel dubbel. De laatste organisatie waar ik werkte, hield zich bezit met vredesopbouw. Ondertussen konden de mensen op kantoor elkaars bloed wel drinken. Dan liep ik in de pauze buiten en dan dacht ik: wat is dit erg.

Reisjournalist

Het moest anders. Ik heb flink wat zelfhulpboeken gelezen. In een van die boeken stond een opdracht. Je moest van elke periode in je leven opschrijven wat je het leukste had gevonden. Daar kwamen bij mij heel duidelijk twee dingen uit: reizen en schrijven. Ik ben colleges gaan volgen aan de School voor Journalistiek en als reisjournalist aan de slag gegaan. In eerste instantie naast mijn vaste baan, om te kijken of ik opdrachten kon verwerven. Dat ging zo goed, dat ik al snel besloot om helemaal voor mezelf te gaan werken. Dat is nu ongeveer tien jaar geleden.

Minder spullen

Toen mijn relatie uit ging, verhuisde ik met mijn zoon van een groot koophuis naar een klein appartementje. Hij had een kamer voor zichzelf en in die andere kamer woonden we, werkte ik en sliep ik. Mijn automatische gedachte was: we moeten een grotere woning. Maar later vond ik het wel prima. Minder spullen, minder schoonmaken, minder zorgen. En zelfs in die kleine ruimte ergerde ik me nog aan de hoeveelheid spullen als ik weer eens terug van een reis kwam.

Op een gegeven moment dacht ik: wat doe ik nog in Nederland?

Ik schreef veel over rondreizen met een klein budget, digitale nomaden en internationaal vrijwilligerswerk zoals Workaway. Op een gegeven moment dacht ik: waarom doe ik dit zelf eigenlijk niet? Wat doe ik nog in Nederland? Ik besloot om weg te gaan als mijn zoon het huis uit was. Ik had genoeg opdrachtgevers. Voor hen maakte het niet uit waar vandaan ik mijn stukjes schreef.

Zwervend bestaan

Per 1 januari 2016 heb ik de huur van mijn huis opgezegd. Ik ben eerst twee maanden naar Caïro gegaan. Mijn beste vriendin werkt daar op de ambassade en woont in een villa. Ik mocht het souterrain betrekken. Vervolgens heb ik een halfjaar in Malaga gezeten. Daarna ben ik meer gaan zwerven, soms zat ik maar een paar dagen ergens. Waar ik heen ga? Simpel, waar het mij leuk lijkt. Soms is het een impuls, een andere keer is het voor werk.

Ik zorg wel altijd dat ik dicht in de buurt van een vliegveld zit. Vorig jaar moest ik onverwacht naar Venetië voor Libelle. Dan moet je snel weg kunnen en niet in een dorpje ver weg op het platteland zitten. Maar of ik nou vanuit Amsterdam naar Venetië vlieg of vanuit Warschau, dat maakt natuurlijk niks uit.

Uitgaven en inkomsten

Mijn vaste lasten zijn dramatisch gekelderd. En dat maakt andere keuzes mogelijk. Binnenkort vlieg ik vroeg in de ochtend naar Genève. Ja, dan boek ik dus voor 50 euro een hotelkamer vlakbij Schiphol. Een schijntje vergeleken met een maand huur betalen. Het eerste half jaar vond ik het ongelooflijk om te merken dat dit leven dus gewoon kan. Ik reis, ik kan in mijn eigen onderhoud voorzien en ik ondersteun ook mijn studerende zoon nog.

Mocht het financieel een keer nodig zijn, dan kan ik overal ter wereld Engelse les geven.

Ik verdien op dit moment genoeg als reisjournalist en tekstschrijver, maar ik doe wel aan risicospreiding. Toen ik in Malaga was, heb ik een TEFL-cursus gedaan (Teaching English as a Foreign Language). Het leek me handig om zo’n certificaat achter de hand te hebben. Mocht het financieel een keer nodig zijn, dan kan ik overal ter wereld Engelse les geven. Ik kom net terug uit Marokko, daar heb ik een maand reizen begeleid. Ook zo’n vorm van risicospreiding.

Sociaal leven

Ik doe dit nu bijna twee jaar en mijn sociale leven mis ik niet. Voordat ik Arabisch ging studeren, zwierf ik drie maanden door China. Toen ging contact met het thuisfront nog met poste restante. Nu is via internet alles mogelijk. Als ik er een keer doorheen zit, dan stuur ik een appje naar iemand en kan ik zo mijn verhaal kwijt via Skype. Natuurlijk is het niet hetzelfde als dat je met iemand in de kroeg zit, maar je komt een heel eind. Omdat ik journalist ben, moet ik sowieso veel op mensen af. Soms worden dat ook weer vrienden of kennissen. Maar ik ben ook gewoon heel graag alleen. Dat is altijd al zo geweest.

Zoon

Ik ben nu een tijdje aan het huizen oppassen in Nederland, om wat dichterbij mijn zoon te zijn. Hij heeft een lastige tijd achter de rug. Er zijn mensen die het mij kwalijk hebben genomen dat ik voor dit leven kies terwijl ik een zoon in Nederland heb. Mijn zoon voelt dat niet zo, maar als moeder moet je volgens sommige mensen altijd bij je kind zijn. Dat hij ook een vader heeft, doet er blijkbaar niet toe.

Er zijn mensen die het mij kwalijk hebben genomen dat ik voor dit leven kies terwijl ik een zoon in Nederland heb.

Mijn zoon is volwassen, ik kan niet meer constant naast hem gaan zitten. Wanneer dat nodig is, ben ik er voor hem. Ik zit straks in Kaapverdië. Hij weet dat hij zo kan overkomen, het geld voor zijn vliegticket ligt klaar.

Routine kwijt

Er is een ding waar ik van tevoren niet over had nagedacht. Ik ben mijn sportroutine kwijt. Ik was altijd een hardloper, maar ik ben ongezonder gaan leven. Ik heb waarschijnlijk meer energie dan de gemiddelde 55-jarige, maar dit is wel iets waar ik wat aan moet doen. Ik ben inmiddels tien kilo aangekomen. Dit moet volgend jaar gewoon beter. Ik vind routine sowieso al lastig, maar op reis is dat nog moeilijker. Ik zit vaak in landen waar het eten én lekker én goedkoop is. Maar ik eet daardoor wel vetter en ongezonder dan wanneer ik zelf zou koken. Gelukkig wandel ik nog wel heel veel.

Bezwaren

Soms zeggen mensen: dat leven van jou, dat zou ik ook wel willen. Nou, dan doe je het toch? Ik heb alle bezwaren vaak genoeg aangehoord: huis, baan, partner, kinderen. Ik ben daar wel een beetje klaar mee. Doe het, of hou erover op. Als je het echt wilt, dan vind je wel een weg. Probeer gewoon eens iets.

Als je het echt wilt, dan vind je wel een weg.

Je hoeft niet meteen je baan op te zeggen. Organiseer eerst eens een maand weg. Je hoeft ook niet meteen naar Zuid-Amerika, je kunt ook naar België. Maar blijf niet in je bezwaren hangen en ga gewoon dingen proberen.

Ballast kwijt

Dit leven past bij mij. Ik zou onrustig worden als ik op één plek zou moeten zitten. Ik ben ontzettend veel ballast kwijt. Het allermooiste vind ik dat ik niet weet waar ik volgend jaar om deze tijd ben. Mensen zeggen vaak: het lijkt me zo vermoeiend als je steeds moet uitzoeken waar je naartoe gaat en waar je dan weer onderdak vindt. Maar voor mij voelt het alsof ik de hele tijd nieuwe vakanties aan het plannen ben.

Overal wonen mensen, dus overal zijn verhalen.

Een andere vraag die ik vaak krijg: zijn er plaatsen die jou tegenvallen? Nou eigenlijk niet. Overal valt iets te ontdekken, ook hier in Nederland. Ik ben altijd nieuwsgierig, dat hoort bij mijn vak. Overal wonen mensen, dus overal zijn verhalen. Dat maakt elke plek op de wereld interessant.

Dit is deel 10 in de serie Pioniers, interviews met mensen die onconventionele keuzes hebben gemaakt in hun leven. Minder gericht op geld, carrière en bezittingen, meer op wat hen gelukkig maakt. 

One thought on “Pioniers: de wereld als woon- en werkplek

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *